Schrift 268 WonderverhalenSchrift 268 Wonderverhalen
jaargang 45 • nummer 4 • september 2013

Ten geleide

Wie gelooft er vandaag nog in wonderen? De programmareeks ‘Wonderen bestaan’, die de KRO tussen 2003 en 2007 uitzond, suggereert dat ze wel degelijk bestaan. Daarin verhaalden Theo Olof, majoor Bosshardt, Maurice de Hondt en andere Nederlanders voor hen zeer bijzondere gebeurtenissen. Het onverklaarbare, dat wat geen louter toeval kan zijn, werd door hen als wonder ervaren. Baruch Spinoza, Nederlands filosoof en verlichtingsdenker uit de zeventiende eeuw, beantwoordde de vraag of wonderen bestaan, echter met een stellig neen. In zijn Tractatus theologico-politicus uit 1670 legt hij uit dat wonderen niet bestaan omdat uitzonderingen op de natuurwetten onmogelijk zijn. In het verlichtingsdenken kan de werkelijkheid alleen worden verstaan vanuit de ratio. Dit had tot gevolg dat het bestuderen van wonderverhalen ook in de bijbelwetenschap in een dubieus daglicht kwam te staan.

Wie wonderverhalen en Bijbel zegt, denkt waarschijnlijk meteen aan de evangeliën, die verhalen over het leven van Jezus, en vooral over de wonderen die Jezus deed. Er is echter een duidelijk verschil tussen de manier waarop de synoptische evangeliën met deze wonderverhalen omgaan en die van het evangelie volgens Johannes. In het laatste wordt niet van wonderen, maar van tekenen gesproken. Hoe keek men in de vroege kerk naar deze Jezus-wonderen? Was er discussie over hun historiciteit? In de Bijbel verricht niet alleen Jezus wonderen; ook Elia en Elisa doen ‘dingen die niet kunnen’, Mozes en Aäron laten wonderbaarlijke zaken zien, en Jozua doet zo maar de zon stilstaan.

De Bijbel heeft echter niet het alleenrecht op wonderverhalen. Philostratus vertelt over Apollonius van Tyana in de eerste eeuw van onze jaartelling . Veel van de wonderen die Apollonius verrichtte, zijn ons bekend doordat ze in het Nieuwe Testament aan Jezus worden toegeschreven. Aanleiding genoeg om ons in deze aflevering van Schrift te verwonderen over wonderverhalen.

Lut Callaert, redactiesecretaris

 

Inhoud

Patrick Chatelion Counet Is het geen wonder? Moderne interpretaties van wonderverhalen 111
Joep Dubbink Is iets te wonderlijk voor de Heer? Wonderen in de Hebreeuwse Bijbel 117
Matthijs J. de Jong Jezus de wonderdoener? Wonderen in de synoptische evangeliën 122
Door Brouns-Wewerinke Geen wonder! Wonderverhalen in het evangelie volgens Johannes 127
Liuwe H. Westra ‘Ook letterlijk verstaan wel opbouwend’ Wonderen van Jezus in de vroege kerk 132
Jaap-Jan Flinterman Heidense wonderverhalen Wonderen uit de wereld van het Nieuwe Testament 137
Albert Kamp Boekbespreking
143
Gerard van Broekhuizen Naschrift: Misschien zo gek nog niet 144

Uit elk nummer van Schrift wordt één artikel gratis ter downloading aangeboden. Voor dit nummer is dat Jezus de wonderdoener? van Matthijs J. de Jong. Hier kunt u dit artikel downloaden:  pdf  Jong, Matthijs J. de, Jezus de wonderdoener? (278.97 kB)